Over de fototentoonstelling Fake!

Mijmer weg bij vermakelijke foto’s in het Rijksmuseum, waar nu de vroegste nepbeelden zijn te zien in Amsterdam

Dit is een samenvatting van een volledig artikel over de fototentoonstelling. Dit artikel is geschreven door Merel Bem, schrijver en kunstjournalist, en verscheen in de Volkskrant van 09-02-2026

Fake! in het Rijksmuseum in Amsterdam

De tentoonstelling Fake! in het Rijksmuseum laat zien dat het manipuleren van foto’s geen modern fenomeen is, maar al sinds de beginjaren van de fotografie (1860–1940) volop werd toegepast. In twee zalen toont het museum vijftig vroege fotocollages en -montages, variërend van ansichtkaarten tot posters en familiealbums. De beelden zijn vaak humoristisch, absurd of politiek geladen: zwevende mensen, mannen die hun eigen hoofd dragen, of Hitler vermomd als Karl Marx.

De tentoonstelling is bescheiden van omvang, maar opent een verrassend brede wereld van visuele experimenten. Hoewel de link met hedendaagse AI-manipulatie voor de hand ligt, kiest het Rijksmuseum ervoor die vergelijking niet expliciet te maken. De bezoeker mag die zelf trekken.

De aanleiding voor de expositie is een schenking van twee 19de-eeuwse familiealbums van verzamelaar Henri van der Tol. Deze passen binnen het Rijksmuseumbeleid om vooral anonieme, alledaagse fotografie te verzamelen — zogeheten vernacular photography — waarmee het museum alternatieve verhalen over de geschiedenis van het medium kan vertellen.

Omdat veel historische context ontbreekt, blijft de interpretatie soms gissen. De tentoonstelling erkent dat openlijk en toont zo de vroege, speelse wortels van beeldmanipulatie, lang voordat Photoshop of AI bestonden.

De tentoonstelling toont ook politieke fotomontages, zoals een Belgische verkiezingsposter uit 1908 waarop ‘gebuisde’ (gezakte) kandidaten belachelijk worden gemaakt met buiskachels en andere objecten op hun hoofd. Veel context ontbreekt, maar er is genoeg om de bedoeling te begrijpen.

Een uitzondering binnen de verder speelse tentoonstelling is het werk van John Heartfield, bekend om zijn scherpe antinazistische fotomontages. Zijn beelden — zoals Hitler vermomd als Karl Marx of Hitler die een graf graaft voor Marinus van der Lubbe — zijn technisch briljant, maar vragen zoveel historische kennis dat ze hier vooral dienen als voorbeelden van vroege politieke beeldmanipulatie.

Het merendeel van de getoonde montages is juist licht en humoristisch: zwevende families, mannen die hun eigen hoofd vervoeren, of Amerikaanse ansichtkaarten met gigantische groenten om de vruchtbaarheid van Nebraska te promoten. Het plezier en vakmanschap van de makers is duidelijk zichtbaar.

Een ontroerend voorbeeld is een Duitse carte de visite waarin een dagdroom van een jonge vrouw subtiel in het beeld is gemonteerd — een vroege vorm van visuele storytelling. Zelfs bij dramatische scènes, zoals een botsing tussen een auto en een stoomwals, is het duidelijk dat het om fantasie gaat.

De tentoonstelling laat zien dat beeldbewerking altijd al deel uitmaakte van de fotografie. Waar manipulatie nu streng gereguleerd is in bijvoorbeeld fotojournalistiek, was het vroeger vooral een creatief spel. Fake! Benadrukt dat deze traditie diep in de geschiedenis van het medium verankerd ligt — en nodigt uit om met verwondering te kijken naar de vroege makers die alles mogelijk maakten.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll Up

Je kan de inhoud van deze pagina niet kopiëren